De Pelgrimvaderskerk in Delfshaven onderging een gefaseerde restauratie. De kerk en bijgebouwen werden hersteld, verduurzaamd en multifunctioneel ingericht, met aandacht voor het Bätz-Witte-orgel en behoud van erfgoed.
Opdracht
Categorie
Locatie
/
De Oude- of Pelgrimvaderskerk is een van de meest markante monumenten in Delfshaven, een historische wijk van Rotterdam. De kerk, oorspronkelijk gebouwd in 1417 als St. Anthoniuskapel, groeide uit tot een volwaardige kerk met zijbeuken en kreeg in 1574 een protestantse functie. In 1761 werd het kerkgebouw verhoogd tot zijn huidige omvang, met de karakteristieke voorgevel en het torentje. De kerk staat internationaal bekend als de plek waar de Pilgrim Fathers hun overtocht naar Amerika begonnen, wat de locatie tot een belangrijke toeristische trekpleister maakt. Naast de kerk bevindt zich het Ebenhaëzergebouw (1890), dat samen met de kerk een beeldbepalend ensemble vormt.
Door de eeuwen heen heeft de kerk veel te verduren gehad. Overstromingen, verzakkingen en een afnemend kerkbezoek leidden tot aanzienlijke achteruitgang. In 1937 vond een eerste grote restauratie plaats, maar tegen het einde van de jaren ’80 verkeerde de kerk opnieuw in slechte staat. De Hervormde Gemeente kon het onderhoud niet langer alleen dragen, waarop in samenwerking met de Stichting Oude Hollandse Kerken een reddingsplan werd opgesteld.
in 1992 kreeg VIS Arcitecten de opdracht van de Stichting Oud Hollandse Kerken (SOHK) de kerk en bijgebouwen te restaureren. De restauratie begon in 1992 met de consolidatie van het dak, hemelwaterafvoeren en goten. Kort daarop werd het schip grondig hersteld en aangepast voor multifunctioneel gebruik: verwarming, verlichting, sanitaire voorzieningen en bescherming van glas-in-loodvensters werden aangebracht. Cruciaal was dat de kerk na restauratie direct inzetbaar zou zijn voor verhuur en culturele activiteiten. Tegelijkertijd werd het voormalige kerkelijke bureau, aangekocht door Stichting Volkskracht, gerestaureerd tot ontvangstruimte ‘Het Klockhuijs’.
In de jaren die volgden werd gefaseerd gewerkt aan het Ebenhaëzergebouw, de zijbeuken, portalen, installaties en ten slotte het koor en de transepten. In 1997 besloot men deze laatste fasen te combineren om restauratiemoeheid bij gebruikers en vrijwilligers te beperken en kosten te besparen. Voor SOHK betekende dit een zware financiële opgave, met drie jaar voorfinanciering vanuit het onderhoudsplan.
Bijzonder onderdeel van het restauratieproject was het Bätz-Witte-orgel uit 1855. Tijdens eerdere ingrepen in 1957 was het orgel zwaar aangetast. In 1994 werd een restauratieplan opgesteld om het instrument terug te brengen in zijn oorspronkelijke staat. De windvoorziening is gereconstrueerd, ontbrekende onderdelen in Witte-stijl aangevuld, en de kas kreeg zijn originele lichte siënnakleur terug dankzij zorgvuldig kleuronderzoek. Het resultaat is een rijk gedetailleerd, akoestisch waardevol instrument dat opnieuw een centrale plaats inneemt in het kerkinterieur. Ook de bijgebouwen kregen een herbestemming. Vergaderingen, concerten, exposities en maatschappelijke bijeenkomsten vinden hier plaats. De Ankie Verbeek-Ohr zaal huisvest een expositie over de Pilgrim Fathers, waarmee de historische betekenis van de locatie tastbaar blijft voor bezoekers.
Dankzij de restauratie uitgevoerd door VIS Architecten is de Oude- of Pelgrimvaderskerk niet alleen behouden voor de toekomst, maar heeft zij een vitale rol gekregen in de Rotterdamse gemeenschap. De kerk is geliefd vanwege haar uitstekende akoestiek, levendige programmering en historische betekenis. Inmiddels is het gebouw niet alleen spiritueel, maar ook cultureel en maatschappelijk van grote waarde – een icoon voor Delfshaven en daarbuiten.
Hieronder uitzicht op de voorhaven van de Oude- of Pelgrimvaderskerk in Delfshaven, links een historische tekening, en rechts de huidige staat.
